Tien mythes van het paleo dieet

Er zijn veel misvattingen over het Paleo Dieet die ik wil weerleggen! Er zijn zoveel mensen die aannemen dat het een vleesrijk dieet is of dat er teveel voedingsmiddelen moeten uitgesloten worden voor dit dieet. Sta me toe om deze zaken op te helderen!

 1. Paleo is te streng

Het is eigenlijk niet zo dat er slechts één Paleo dieet is. Mensen geven immers verschillende interpretaties aan wat dit begrip voor hen betekent.

Er zijn al veel boeken geschreven over het eten volgens Paleo, en elk van die boeken bevat de suggesties van de auteur over hoe het er zou moeten uit zien. In feite gaat het bij het volgen van een Paleo dieet eerder om het volgen van zekere richtlijnen waarvan de strikste gaan over het elimineren van granen, bonen, zuivel en suiker, wat  nabootst wat onze voorouders tienduizenden jaren geleden aten.

De meeste anderen, zoals ikzelf, met mijn Modern Paleo, pleiten voor een Paleo versie die voor een korte tijd granen en zuivel elimineert, om vast te stellen of je er gevoelig voor bent, om ze dan geleidelijk terug toe te voegen, en te zien wat er voor jou werkt. Het is de bedoeling om je persoonlijke Paleo Code te maken,  zoals beschreven in het nieuwe boek van Yvonne Van Stigt over het personaliseren van Paleo. Een algemene vuistregel is dat hoe zieker je bent, hoe strikter je Paleo moet volgen.

2. Paleo is een vleesrijk dieet

Fout. Paleo is eigenlijk een dieet dat rijk is aan groenten. Het dieet bestaat ruwweg uit 70% groenten. Je zou op je hoede moeten zijn als een dieet je niet adviseert om ongeveer 70% groenten in je dieet op te nemen, tenzij er wijzigingen aan het dieet nodig zijn als gevolg van specifieke gezondheidsproblemen.

Natuurlijk eet je vlees als je een Paleo dieet volgt, maar de hoeveelheid varieert tussen 10 en 30%, afhankelijk van de tolerantie van het individu. De auteur, Paul Jaminet, die samen met zijn vrouw, “the Perfect Health Diet” schreef, zegt dat je ongeveer 0,5 tot 1 pond (0,22 tot 0,45 kg) vlees per dag moet eten. Meer dierlijk proteïnen dan dit kan leiden tot gezondheidsproblemen en een kortere levensverwachting.  Dit dieet zou minstens één keer per week vers rood vlees moeten bevatten – met gras gevoederd, natuurlijk!

 3. Paleo bevat te weinig koolhydraten

Nee. Het is, per definitie geen koolhydraatarm dieet. In de praktijk zou het kunnen of niet kunnen gebeuren, afhankelijk van de gekozen voedingsmiddelen.  Zoete aardappelen, zoete aardappelen, pompoen, zetmeelrijke vruchten en zelfs witte aardappelen worden door Paleo mensen gegeten die meer koolhydraten nodig hebben als brandstof voor hun actieve levensstijl.  In mijn visie op Paleo en die van vele anderen in de Paleo beweging, wordt bovendien het eten van witte rijst en glutenvrije granen aanbevolen voor zover je ze tolereert.

 4. Paleo is te duur

Mijn antwoord hierop is dat je ofwel betaalt voor voeding van een goede kwaliteit of dat je later het geld aan de dokter, geneesmiddelen en verpleeghuizen geeft. Je gaat uiteindelijk toch betalen, daarom kan je beter nu betalen en verdomd goed eten. Amerikanen besteden het kleinste percentage van hun inkomen aan voeding in vergelijking met de meeste geïndustrialiseerde landen – en de gevolgen van deze keuze worden gereflecteerd in de algemene slechte volksgezondheid.

We moeten meer uitgeven aan voeding om onze gezondheid te redden. We moeten denken in termen van de concentratie van voedingsstoffen en het kopen van eieren, vlees en zuivel van een betere kwaliteit kost nu eenmaal meer.  Je krijgt datgene waarvoor je betaalt  – vrije uitloopeieren mogen dan  dubbel zoveel kosten, maar je krijgt daarvoor wel 2 tot 3 keer meer voedingsstoffen. Je eet evenveel calorieën maar je krijgt exorbitant meer voedingsstoffen binnen per hap.

Zoals voor elk  dieet dat het gebruik van gezonde voeding promoot, zijn er middelen om je te helpen om boodschappen te doen met een beperkt budget. Ik bespaar geld door geen brood, graanproducten, kaas, ijs,koekjes ,chips, zuivel en gebak te kopen. Ik betaal de helft van wat ik voor mijn groenten in de supermarkt zou betalen door ze op de boerenmarkt te kopen. Of kweek je eigen groenten.

5. Vleeseters leven minder lang dan vegetariërs

Leven vegetariërs langer dan carnivoren? Veel oude, slecht uitgevoerde studies, hebben aangetoond dat vegetariërs langer leven dan vleeseters. Deze foutieve conclusies overtuigden me, en  ik heb het gedurende twee jaar volgehouden, omdat ik lang gezond wil leven! Lierre Keith, zegt in haar briljant boek,  “The Vegetarian Myth”, dat volkstellinggegevens bewijzen dat vegetariërs niet langer leven dan vleeseters, wat onderzoeken daarover ook mogen beweren. Maar laat ons toch even naar het onderzoek kijken.

Als het eten van vlees de kans op hartziekten vergroot, zoals algemeen wordt aangenomen in de medische wereld, dan zouden die bij veganisten en vegetariërs minder moeten voorkomen. Oude studies suggereerden dat dit waar is, maar later, beter gecontroleerde studies suggereerden dat dit niet waar is.

De meeste oude studies zijn slecht ontworpen en  zij worden beïnvloed door verwarrende factoren. Vegetariërs hebben de neiging om meer dan de gemiddelde bevolking op hun gezondheid te letten – dit heeft een positieve invloed op hun levensverwachting. Het is niet te wijten aan het niet eten van vlees. Er  zijn nog andere factoren die hun langere levensverwachting verklaren zoals meer beweging, minder roken en drinken, enz.

Dit bewijsmateriaal wijst ook op het feit dat gezondheidsproblemen die geassocieerd worden met het eten van vlees, niet noodzakelijk door het vlees zelf veroorzaakt worden, maar eerder door de relatieve afwezigheid van andere, gezondere voeding.

De vegetariërs in deze studie aten de vegetariërs over het algemeen meer groenten, fruit en noten. In feite heeft deze studie het bewijs gevonden dat de  duidelijke gezondheidsvoordelen van het vegetarisme niet zozeer verklaard worden door de afwezigheid van vlees, maar eerder door de verhoogde consumptie van gezondere voeding in het algemeen.

Nieuwere studies van een betere kwaliteit hebben een poging gedaan om deze verwarrende dieet en levensstijl factoren te controleren en ze hebben geen overlevingsvoordelen gevonden die gebonden zijn aan het vegetariër worden. De studie vergeleek bijvoorbeeld de mortaliteit van mensen die hun voedsel kochten in reformwinkels (zowel vegetariërs als alleseters) met  mensen uit de algemene populatie.

Zij kwamen tot de ontdekking dat zowel de vegetariërs als de omnivoren uit de reformwinkelgroep langer leefden dan andere mensen in de algemene populatie. Dit suggereert dat het eten van vlees als onderdeel van een gezond dieet niet hetzelfde effect heeft als het eten van vlees als een onderdeel van een ongezond dieet.

Deze zelfde conclusies werden bevestigd in een zeer grote studie die uitgevoerd werd in het V.K. in 2003 met 65.000 proefpersonen. Deze studie stelde geen verschil vast in de mortaliteit tussen vegetariërs en omnivoren.

Veganistische en vegetarische diëten resulteren bijna altijd in talloze tekorten aan vitamines, mineralen,  en voedingsstoffen zoals B12, B6, D, zink, ijzer, jodium,  taurine en omega-3 vetzuren. Als je eet volgens een dieet dat vol zit met voedingsmiddelen zoals granen en bonen en je daardoor lijdt aan allerlei tekorten, die bijna onvermijdelijk zijn met een vegetarisch dieet, ontgaat het mij volledig hoe mensen kunnen postuleren dat vegetariërs langer leven dan vleeseters.

 6. Werden Holbewoners  slechts 30 jaar oud?

Vele artikels over het Paleo dieet claimen dat holbewoners slechts 30 jaar oud werden. Dat is maar half waar. Als een holbewoner er in slaagde om ouder te worden dan 20, dan bereikte hij over het algemeen een leeftijd van 60 jaar. Niet slecht. Maar de meesten werden wel degelijk ouder dan 30.

Het probleem met de Paleo statistieken van de levensverwachting is factor van de kindersterfte. De sterfte van kinderen die jonger waren dan 5 was zeer hoog.  De gemiddelde levensduur van 30 waarover velen gelezen hebben, is een gemiddelde van degenen die stierven als kind en degenen die op een natuurlijke wijze stierven van de ouderdom. Andere factoren die meespelen zijn besmettelijke ziekten, roofdieren en slechte beschutting.

 Redenen waarom holbewoners slechts 30 jaar  oud werden

Laten we het onder ogen zien. Holbewoners hadden een moeilijk bestaan. Zij moesten echt heel hard werken voor elk stukje voedsel dat ze in hun mond stopten. Een groot deel van hun energie werd gebruikt voor het zoeken naar eten en het jagen op dieren, wat zij de hele dag moesten doen onder een genadeloze zon.

Zij hadden ook af te rekenen met vijandige stammen. Zij moesten de seizoenen trotseren zonder verwarmingstoestellen of  air conditioning.  Het leven was hard. Kan je je een leven in open lucht voorstellen, waarbij je gedurende je hele leven van het land leeft?  Je zou dan behoorlijk versleten zijn tegen de tijd dat je 60 wordt!

 7. We moeten leven zoals onze voorouders omdat we genetisch nog altijd hetzelfde zijn

Heel wat mensen in de voorouderlijke gemeenschap toeteren hoe onze genen virtueel identiek zijn aan die van onze Paleolithische voorouders, en daarom zouden wij moeten leven en eten zoals zij dat deden.  Als je daar echt over nadenkt, dan is het een beetje belachelijk dat een groep mensen die beweert dat ze op een evolutionaire manier naar het leven kijken, zelf weinig van de evolutie lijkt te begrijpen.

Het genoom van mensen en chimpansees is voor 99,5%  identiek. Het verschil tussen een mens en een chimpansee ligt in de genexpressie in het epigenoom. Het is niet omdat twee soorten gelijkaardige genen hebben, dat ze kunnen leven in elkaars omgeving met gelijkaardige voedselbronnen.

Een van de mechanismen via dewelke aanpassingen optreden is een wijziging in de genexpressie, ook epigenetica genoemd.  Verschillende voedingsmiddelen en levensstijlen schakelen verschillende genen aan en uit.

Het zou absurd zijn om te suggereren dat het epigenoom van moderne mensen identiek is aan dat van onze Paleolithische voorouders, als we rekening houden met de ingrijpende veranderingen die onze omgeving en onze voeding die sinds die tijd ondergaan hebben.

Epigenetische veranderingen kunnen zeer snel gebeuren. Gewijzigde voedselbronnen zorgen voor genetische aanpassingen, die veel sneller kunnen doorgevoerd worden dan de meeste mensen denken.  Bij voorbeeld, lactose tolerantie, of het vermogen om  ook nog lactose te verteren als men reeds volwassen is, is een van die aanpassingen die zich in de afgelopen 8000 jaar voltrokken hebben.

In het kader van de evolutionaire geschiedenis is dit eigenlijk zeer snel. Dit legt meteen ook de basis voor de volgende misvatting die uitgaat van de veronderstelling dat we ons sinds het Paleolithicum niet meer aangepast hebben aan nieuw voedsel.

 8. We hebben ons nog niet aangepast aan het nieuwe voedsel dat door de landbouw geïntroduceerd werd

De theorie zegt het ongeveer als volgt: we zijn gedurende miljoenen jaren geëvolueerd zonder het nuttigen van het voedsel dat beschikbaar kwam na ontstaan van de landbouw. Daarom zijn we niet aangepast aan dit voedsel. Maar dit gaat uit van de veronderstelling dat een diersoort niet aangepast is aan een bepaald soort voedsel omdat ze het nooit eerder gegeten heeft.

Maar als je kijkt naar de evolutionaire voorgeschiedenis, dan klopt dit niet. Er zijn massa’s voorbeelden, doorheen de hele evolutie, van diersoorten die nieuwe voedselbronnen ontdekken en er goed op gedijen. Zoals mensen en vlees. In het begin aten mensen alleen fruit, planten en insecten.

Dan begonnen ze beenmerg uit benen en hersens uit schedels te halen en uiteindelijk behoorden ze tot de beste jagers van de planeet. Dat veranderde onze fysiologie. Na de introductie van vlees in ons dieet, evolueerden we van een  lange darm die bedoeld was voor het vergisten van ruwe cellulose en koolhydraten naar een kortere darm en een groter brein, zodat we beter uitgerust waren voor de vertering van dierlijke proteïnen.

Het spreekt dus vanzelf dat we heel goed in staat zijn om ons aan te passen als we nieuwe voedingsmiddelen ontdekken, al gaat dat voor sommigen trager dan voor anderen. Dat is de reden waarom sommige mensen zonder problemen granen en zuivel tolereren terwijl anderen dat niet kunnen. Maar er is nog een andere reden voor deze verschillen in voedseltolerantie.

Chris Kresser hield een zeer interessante toespraak op het Ancestral Health Symposium in 2013. Hij stelde dat de reden dat we granen en andere niet-Paleo voedingsmiddelen niet goed tolereren niet komt omdat we ze niet kunnen verteren, maar omdat we de darmbacteriën missen die nodig zijn voor de vertering ervan.

Vele jager-verzamelaar culturen die door Weston A. Price onderzocht werden, leefden goed op diëten die bestonden uit granen, zuivel en andere voedingsmiddelen die niet als Paleo beschouwd worden, en dat vrijwel zonder ziekte. Hij bestudeerden mensen in de Lötschental vallei in Zwitserland, Schotland en Wales, die vertrouwen op granen en zuivel als belangrijke bouwstenen van hun dieet.

Ze fermenteren (weken) deze granen natuurlijk wel – iets dat wij normaal niet doen. En dan zijn er nog de hedendaagse landbouwgemeenschappen in Zuid Amerika en andere delen van de wereld, die zwaar steunen op granen, terwijl auto-immuunziekten, astma en dergelijke zeer zeldzaam zijn in deze omgevingen. Hoe is dat mogelijk als granen zo schadelijk zijn voor onze gezondheid?

Een heersende theorie in de Paleo gemeenschap is dat de overschakeling van een jager-verzamelaar levensstijl naar landbouw geleid heeft tot meer ziekte en een verslechtering van de gezondheid. Dit is ongetwijfeld waar, maar het idee dat verbindingen zoals gluten, saponinen, lectinen en capsaïcine in pepers verantwoordelijk zijn voor deze achteruitgang, wordt niet goed ondersteund door bewijsmateriaal.

Er is pas in de laatste honderd jaar een significante toename van chronische ontstekingsziekten opgetreden. Maar de overschakeling van de jager-verzamelaar levensstijl naar de landbouw gebeurde ruwweg 10.000 jaar geleden. Er moet dus een andere verklaring zijn voor de achteruitgang van de volksgezondheid. Als het waar zou zijn dat de gluten en de lectinen in de granen in een significante mate het risico op ziekte vergroten, dan hadden ze dat al veel eerder moeten doen.

Volgens de zeer interessante theorie van Chris Kresser is het mogelijk dat deze mogelijk schadelijke substanties in de nieuwe voeding op zich geen significant risico op ontstekingsziekten opleveren op voorwaarde dat het Paleolithisch microbioom – onze darmflora – nog intact is.  Als ons microbioom verdwenen of aangetast is, dan kunnen deze voedingsmiddelen risicofactoren zijn voor ontstekingsziekten.

Het herstellen van onze darmflora – het microbioom – is niet zo simpel als het aanvullen met probiotica. Aanvullen is goed, en het wordt sterk aanbevolen, maar het probleem ligt in het moderne leven dat de probiotica in onze darmen vernietigt. De dysbiose in onze hedendaagse darmen begon toen minder vrouwen borstvoeding begonnen te geven, wat de basis legt voor een gezonde darmflora.  Het voornaamste doel van het colostrum, de substantie die, voor de moedermelk, afgescheiden wordt in de eerste week van de borstvoeding, is om de darm te bevolken met gezonde bacteriën.

Vervolgens eten we gedurende onze hele kindertijd massa’s suiker, wat zorgt voor een woekering van gisten en slechte darmbacteriën. Bij het minste teken dat zou kunnen wijzen op een infectie slikken we antibiotica alsof het snoepjes zijn, waardoor we ook de kostbare goede bacteriën doden.

Als gevolg van de beschikbare koeling, eten we veel minder gefermenteerd voedsel – een conserveringsmethode die gedurende duizenden jaren gebruikt werd om voedsel te bewaren. Gefermenteerd voedsel bevat miljarden, zelfs triljoenen probiotica die helpen om onze darmen gezond te houden. Met deze praktijken, en nog vele anderen zoals het gebruik van antibacteriële zeep, vernietigen we onze gezondheid en ons natuurlijk darm biodoom.

Zonder de bescherming van doeltreffende kolonies van probiotica, ontwikkelen we lekkende darmen, voedselintoleranties, allergieën, auto-immuun problemen, inflammatoire aandoeningen zoals astma en tal van andere ziekten. Dit zijn vandaag de snelst groeiende groep van ziekten. Zij vormen de verborgen kost van de moderne hygiëne.

In zijn toespraak beweerde Chris Kresser verder dat we geen probleem zouden hebben met het tolereren van granen en al deze substanties, als ons Paleolithisch microbioom nog intact zou zijn,  net zoals bij onze hedendaagse jager-verzamelaar vrienden. Dit punt is cruciaal omdat het een aantal schijnbare conflicten in het voorouderlijke paradigma oplost.

Het kan verklaren waarom er in vele culturen al duizenden jaren granen gegeten worden en dat de gezondheidsproblemen die wij toewijzen aan granen, bij hen bijzonder zeldzaam zijn. Natuurlijk gingen onze gezondheid en onze grootte er enigszins op achteruit nadat we begonnen met het verbouwen van graan, maar dit verklaart niet wat er vandaag met onze gezondheid gebeurt.

Je kunt je Paleo dieet uitbreiden. Sommige mensen hebben tijd besteed aan het herstellen van hun darmbacteriën en zijn nu in staat om granen, zuivel en andere niet-Paleo voedingsmiddelen te introduceren – zelfs als ze er eerder wel intolerant voor waren – en er wel bij varen.

Dit verklaart ook waarom sommige mensen in staat zijn om deze voedingsmiddelen, schijnbaar zonder enig probleem, te tolereren, terwijl anderen dat niet kunnen. Als je dus werkt aan een goede gezondheid van je darmen, dan zal je in staat zijn om op een veilige manier te genieten van granen, zuivel en ander voedsel dat niet Paleo is, op voorwaarde natuurlijk dat er geen andere oorzaken aan de basis liggen van je intolerantie voor deze voedingsmiddelen.

 9. Het Paleo Dieet verhoogt het Cholesterol

Cholesterol verklaring van Jimmy Moore. Heb je gehoord dat vet je niet dik maakt? Op dezelfde manier zal je cholesterol niet aantoonbaar stijgen als je voedsel eet dat veel cholesterol bevat. Je lever maakt  85% van je cholesterol aan, onafhankelijk van je consumptie van cholesterol, en dit als antwoord op een aantal verschillende factoren, maar het eten van rood vlees en eieren maken daar geen deel van uit.

Het eten van granen en suiker zijn de echte schuldigen, en deze voedingsmiddelen maken geen deel uit van het Paleo dieet. In feite zijn er talloze verhalen over cholesterol niveaus die daalden nadat er gestart werd met een Paleo dieet.

 10. Holbewoners waren nooit ziek

In tegendeel, vriend. Hier en daar vertoonden holbewoners tekenen van hartziekte. Vergeet niet dat vele ziekten een genetische component hebben, waaraan zelfs holbewoners niet konden ontsnappen. Ze waren dragers, net als wij, maar ze leefden veel gezonder en dus hadden zij minder kans dat deze genen geactiveerd werden.

Sommige ziekten hebben een zeer sterke genetische component die zijn invloed laat gelden, hoe gezond men ook leeft. Dus sommige van onze Paleo vretende holbewoners bezweken aan kanker, maar dit was heel zeldzaam. De meesten stierven aan oorlogsverwondingen of door ongevallen, maar sommigen vielen ook dood als gevolgen van een hartaanval.

 

About The Author

Doordat ik een aantal jaar geleden wou afvallen maar dit niet lukte de eerste kilo’s gingen er wel af maar daarna hielt ik het niet vol en kwam ik weer aan totdat ik boven mijn gewicht was toen ik begon. Door veel te proberen en er een soort studie van te maken en met veel mensen gepraat te hebben. Ben er achter gekomen wat wel en wat niet werkt. Dit wil ik met jouw delen zodat jij hier je voordeel mee kan doen!

Nog geen reactie